Nieuwe arbitragewet verbetert positie van Nederland als arbitrageland

Op 1 januari jl. is de Wet modernisering arbitragerecht in werking getreden. Deze wet heeft als doel om belemmeringen bij het gebruik van arbitrage weg te nemen.

Zo wordt het mogelijk om een arbitrageprocedure elektronisch te voeren, krijgen partijen ruimere mogelijkheden om zelf afspraken te maken voor hun procedure en worden de administratieve lasten verlicht. Het nieuwe arbitragerecht heeft ook als doel om de concurrentiepositie van Nederland te verbeteren. Het bieden van een hoogwaardige geschilbeslechting is daarbij, zo erkent de wetgever, essentieel.

Met de nieuwe wet wordt bevestigd dat de Nederlandse wetgever en ICC gemeenschappelijke doelstellingen hebben op het gebied van arbitrage. Men streeft naar een efficiëntere procesgang en waarborging van de kwaliteit van (internationale) arbitrage.

Bij ICC vervult het Hof van Arbitrage de rol van proces- en kwaliteitsbewaker. Het Hof assisteert partijen en arbiters om procedurele obstakels te voor- en overkomen, waarbij steeds als uiteindelijk doel geldt dat ICC vonnissen juridisch uitvoerbaar zijn. Het Secretariaat van het Hof vervult hierbij een cruciale rol. Concreet zijn taken van het Hof dat het arbiters benoemt en vervangt, oordeelt over wrakingen en vonnissen nauwkeurig onderzoekt ('scrutinised'). Die laatste taak, zo werd mij recent duidelijk, wordt niet licht opgevat. Tijdens mijn eerste zitting als lid van het Hof in de zomer van vorig jaar, werden vijf vonnissen afgekeurd, zes goedgekeurd "subject to comments" en wrakingen tegen twee arbiters toegewezen. Reden om een vonnis af te keuren is niet dat de uitkomst verkeerd is. Die beslissing is immers voorbehouden aan het door partijen gekozen tribunaal. Waar het Hof kritisch op let is een begrijpelijke motivering, het toepassen van hoor en wederhoor, de opdracht van partijen (is op alle vorderingen en geschilpunten beslist?) en de uitvoerbaarheid van het vonnis.

Naast de kwaliteit, waakt het Hof over (doorloop-)tijd en kosten van ICC arbitrage. Bij het benoemen van arbiters wordt bijvoorbeeld gekeken naar hun beschikbaarheid. Zij die het komende jaar al volgeboekt zijn met zittingen zullen moeten uitleggen waarom zij er toch nog een arbitrage bij denken te kunnen doen. Ook de kosten worden kritisch bekeken. Recentelijk heeft het Hof een verzoek van een tribunaal om de arbitragekosten (die primair zijn gekoppeld aan de hoogte van de vordering) te verhogen geweigerd omdat de kwaliteit van de werkzaamheden te mager werd bevonden.

Voor ad hoc (niet-institutionele) arbitrage geldt dat de controle op kwaliteit, doorlooptijd en kosten per definitie beperkt is. De overheidsrechter moet zich terughoudend opstellen ten aanzien van zowel de procedure als de uitkomst, en in feite vooral een faciliterende rol vervullen. Partijen moeten hun arbitrage flexibel kunnen inrichten en vonnissen moeten snel ten uitvoer kunnen worden gelegd. Het is toe te juichen dat Nederland dit onderkent en het bevorderen van Nederland als (internationaal) arbitrageland op de agenda heeft staan. De gemoderniseerde arbitragewet is een goed begin voor 2015.

 

Marieke van Hooijdonk

Partner en advocaat Allen & Overy
Plv. Lid ICC Hof van Arbitrage (sinds 1 juli 2014)

Marieke van Hooijdonk

Nieuws

05-12

nu beschikbaar: richtlijnen inzake conflicterende belangen in bedrijven

De Nederlandse vertaling van ICC Guidelines on Conflicts of Interests in Enterprises is nu beschikbaar via onze site.

> Lees meer...
09-11

vacature voor stagiair m/v bij icc nederland

International Chamber of Commerce Nederland, onderdeel van de grootste ondernemersorganisatie ter wereld, zoekt voor de periode februari 2019 – juli 2019 een enthousiaste stagiair (full time).

> Lees meer...
11-10

nu beschikbaar: deel twee van de business guide to trade and investment

Deel twee van de Business Guide to Trade and Investment is nu beschikbaar. De gids is onmisbaar voor iedereen die in het buitenland wil investeren.

> Lees meer...